D. 1 jaar en 3 maanden/ 1 jaar en 4 maanden

D. staat bij het tafeltje, kijkt om zich heen en zet een stapje van de tafel af, nog steeds met haar hand aan de tafel. ‘Ze gaat lopen!’ zeg ik tegen N. ‘Kom kijken!’
En ze loopt. Met haar armen wijd, heel aarzelend, echt een paar stapjes, tot halverwege de salontafel. Dan pauzeert ze even, loopt nog een paar stappen richting de stoel en laat zich dan vallen zodat ze op haar knieën weer verder kan lopen. N. en ik hebben allebei de tranen in onze ogen staan, zo’n mooi moment!

D. kan ‘ja’ zeggen. We moeten hier nog erg aan wennen, want ze zegt het op een heel enge manier. Krakerig, mechanisch, alsof ze een robot is. Dan vraag je: ‘Wil jij ook een banaan?’ en dan verwacht je gewoon ‘Uh uh!’ of een blij zwaaien met de armen, maar in plaats daarvan hoor je ineens dus die ‘Jaaa’ heel laag en monotoon.

‘D., wil jij nog meer eten?’
‘Ja!’
‘En dan daarna toetje?’
‘Ja!’
Ik: ‘Zo fijn hè, een kind dat je veel bevestiging geeft.’
‘D., heb jij een lieve mama?’
D.: ‘Hmmmmm… Mja.’

S. 3 jaar en 6 maanden

      Geen reacties op S. 3 jaar en 6 maanden

We zijn dan toch eindelijk eens naar mijn moeder geweest. S. vond het hartstikke leuk om bij oma te zijn. Vorige week zijn we ook al naar mijn vader geweest, met z’n tweeën (‘wat is het ver rijden!’). Het is fijn om weer bij familie te zijn, maar na afloop twijfel ik toch, omdat het voor grootouders zo moeilijk blijkt om afstand te houden. S. doet dat steeds ontzettend goed. Terwijl ik overal lees dat het voor peuters niet te doen is. Is S. dan zo slim, of zijn wij dan zo panisch? Ik weet het niet.

Hoewel S. nu weer naar de crèche gaat, is haar vriendschap met Uri ook nog springlevend. Het wisselt een beetje of Uri nu haar vriendin is of haar dochter, maar er wordt in elk geval veel over Uri gepraat. Uri is vier en zit op basisschool de Kameleon, en ze houdt ervan om geduwd te worden op de schommel.

‘O lek!’ zegt S. steeds als ze iets lekker vindt. En: ‘Ik ga even naar de w!’ En: ‘O, eten we pasti?’
Lastig te geloven dat dit hetzelfde kind is dat eerst juist steeds van elk woord alleen de laatste paar klanken uitsprak!

‘Waarom is het morgen Pinksteren? Het was laatst ook al Hemelvaart! Mocht ik ook al niet naar de crèche!’, moppert S.
Wij delen dit gevoel overigens volledig.

Ons gezin wordt intussen in rap tempo uitgebreid. Uri hadden we dus al een tijdje, en daarna kwam baby Zet en daarna Bè (vriendje/tweelingbroer van Uri) en nu zijn ook nog de baby’s Hik, Fietje en Aap geboren!

D. 1 jaar, 3 maanden

      Geen reacties op D. 1 jaar, 3 maanden

Ik laat D. nu soms ook uit de kinderwagen als we in de speeltuin zijn. Het gevolg is wel dat ze nu begint te krijsen zodra we in de speeltuin zijn, omdat ze eruit wil, ook als het eigenlijk tijd voor haar is om te slapen. Maar als je haar dan in de schommel zet, geniet ze volop. Zeker als S. haar hoger duwt dan ik durf, dan hoor je haar schaterlachen. Ze heeft ook al in de zandbak en op de wip gezeten. Het liefst zou ze zelf de speeltuin verkennen, maar op haar knieën vind ik dat nog niet heel handig (D. loopt op haar knieën), dus dat doe ik nog maar even niet. Omdat ik geen zin heb in strijd om haar daarna weer in de wagen te krijgen, draag ik haar uiteindelijk steeds maar naar huis.

Zaterdag was ik samen met S. naar mijn vader. Toen ik daar was, kreeg ik een appje dat D. sliep. In haar eigen bed. Al een uur lang. Wauw! Het lukt haar blijkbaar alleen als S. niet naast haar bed staat te dansen en ze een beetje blij haar bed in wordt gelegd. Op zich logisch, de omstandigheden moeten dus ideaal zijn, maar het valt vaak niet mee om de omstandigheden zo goed te maken.

We hadden ons best verheugd dat de kinderen weer naar de crèche zouden mogen, maar helaas, al direct die donderdag kan D. niet gaan, omdat ze volledig snotterend wakker wordt. Ze is hartstikke vrolijk, maar de regels zijn duidelijk en dus kan ze niet gaan. Ik baal enorm, maar dat verdwijnt als D. deze dag uitgekozen blijkt te hebben om haar allereerste stapje los te zetten! N. zet haar neer op haar voeten, vlakbij de stoel, en D. schuifelt één stapje richting de stoel, zet dan haar andere voet erbij, en dan is ze al bij de stoel. We zijn waanzinnig trots!

‘S. heeft een tekening gemaakt op de crèche’, zeg ik, en ik geef hem aan S. zodat ze ‘m ook aan N. kan laten zien.
‘Uh uh uh!’ roept D., en ze steekt haar vinger in de lucht. ‘Uhhhh!’ Ze staat op het punt om zich woedend op de grond te werpen.
‘Ze wil ook tekenen’, zeg ik. Enerzijds ben ik niet verbaasd, want D. is dol op kleuren, maar anderzijds blijft het bizar hoeveel D. begrijpt van wat wij zeggen en doen. Ik leg haar kleurplaat en haar krijtjes op tafel. Op haar knieën loopt ze er meteen razendsnel heen en begint te tekenen. Alles is weer goed.

S. 3 jaar, 5 maanden

      Geen reacties op S. 3 jaar, 5 maanden

‘Dinsdag word ik 33!’
‘Nee, dan word je 3,5’, corrigeert N. Ze hebben het er kennelijk samen over gehad.
‘Ja, en als ik 3,5 ben dan mag ik meer!’
N. en ik konden zo gauw nog niet bedenken wat dat dan zou moeten zijn…

Bevrijdingsdag vindt S. maar een verwarrend feest, ze mag wel haar oranje T-shirt weer aan en een vlaggetje op haar wang maar verder is N. gewoon aan het werk en doen we ook geen leuke spelletjes, zoals we dat wel met Koningsdag deden. Ze wil wel graag nog het Wilhelmus zingen op straat, maar de tekst kent ze nog niet zo goed. Toch al best knap, want ik las dat veel oudere kinderen dan zij nog nooit van het Wilhelmus gehoord hadden. Het gaat best goed met onze opvoeding.

S. mag weer naar de crèche! De nacht ervoor voel ik me ontzettend koortsig, alsof ik ziek word. Maar ’s ochtends blijk ik geen koorts te hebben, dus we besluiten dat ik toch S. en D. naar de crèche zal brengen (N. is al wekenlang verkouden). S. heeft er zo naar uitgekeken, het zou echt een teleurstelling voor haar zijn als ze nu niet mag. Bovendien willen we graag eens een dag kunnen werken en worden we er knettergek van dat we de hele dag rollenspellen met haar geacht worden te spelen. We kunnen gewoon niet meer onszelf zijn thuis! Dan zitten we in een restaurant, dan zijn we ‘het kindje’, dan zijn we weer een juf van de crèche, het is soms niet om bij te houden.
Eenmaal op de crèche staan S. en M. wat onwennig tegenover elkaar. Maar gelukkig ontvangen we in de ochtend al gauw foto’s van S. en M. die gezellig samen/naast elkaar aan het spelen zijn.

D. 1 jaar en 2 maanden/ 1 jaar en 3 maanden

Onder het avondeten had D. dit keer niet het toetjesbakje met de aap maar die met Nijntje die met de bal speelt. Toen ze het op had, gebaarde ze: ‘Waar? Aap?’ met die hoge apengeluidjes die ze daarbij maakt. ‘Ze vraagt waar de aap is!’ zei S. ‘Je moet de aap laten zien!’
Ik liet de aap zien aan D. En we lieten haar zien dat zij het bakje met de bal had gehad. Ze snapte er niets van, maar ik was vooral ontzettend trots op haar dat ze, zo vlak na een koortsstuip en slechts 14 maanden oud, al zo gericht een vraag had kunnen stellen. 

D. is een schatje hoor, maar je kunt haar tegenwoordig geen seconde meer alleen laten. Want dan loopt ze (op haar knieën) pijlsnel naar de bank, klimt erop en werpt zich ofwel over de leuning ofwel achterover. Ik heb haar al echt bij haar enkels moeten grijpen om te voorkomen dat ze ervan af kukelde. Dat gaat echt een keer mis gaan. Het is een fase, het is een fase, ik hoop een heel kortdurende fase…

Als ik beneden kom, zit D. achter de bank een boek te lezen. Ze kijkt naar de plaatjes, en gebaart dan steeds het dier dat ze daar ziet. Een koe, een poes, een hond. Ondertussen staat er een cd op. Het liedje ‘Slaap kindje slaap’ komt, en D. begint te dansen. Op haar knieën wiegt ze heen en weer, terwijl ze ‘slapen’ gebaart. Dat is toch wel een van de schattigste dingen die ik ooit heb gezien.

S. 3 jaar en 5 maanden

      Geen reacties op S. 3 jaar en 5 maanden

D. valt in N.’s armen in slaap, maar als ze haar in bed legt, krijst ze oorverdovend. Dus zet N. een babymuziekje aan.
S. vanuit haar kamer, elke tien seconden, stomverbaasd: ‘Lijkt wel een muziekje!’
Na een paar minuten is N. toch maar even gaan zeggen dat het inderdaad een muziekje was…

S. vanuit haar bed: ‘Mijn neus is verstopt!’
Ik geef haar een wc-papiertje om haar neus mee te snuiten. Omdat het inmiddels al na zessen is, besluit ik om maar op te staan zodat ik in alle rust alvast kan werken.
Maar nee, S. begint weer te roepen: ‘Ik wil een groter pakiertje!’
Ik breng haar twee wc-papiertjes en ga weer naar beneden.
‘Een groter pakiertje!!!’
Ik geef haar een zakdoekje en zeg dat ze nu echt nog even moet slapen.
‘Een groter pakiertje!!!!!!!’ gilt ze, inmiddels helemaal overstuur.
Ik breng haar vier wc-papiertjes, een beetje gefrustreerd inmiddels. N. is er inmiddels ook wakker van geworden en ook al een keer naar S. gegaan. Ze zegt nijdig tegen S.: ‘Ik heb net toch de deur op een groter kiertje gezet?’
O ja. Een groter pakiertje, dat betekent helemaal niet een groter papiertje, maar de deur ‘op een groter kiertje’. Ze wilde helemaal geen zakdoekjes, ze wilde gewoon de deur wat wijder open…
De dag is weer begonnen.

D. 1 jaar en 2 maanden

We hebben vreselijk getwijfeld, maar uiteindelijk toch besloten om de vaccinaties te geven. Het consultatiebureau raadde het in eerste instantie aan via een algemene brief, toen raadde ze het af toen ze N. belden (vanwege de corona-crisis wilden ze het consult zo veel mogelijk telefonisch laten plaatsvinden, maar N. heeft vooral over de koortsstuip kunnen vertellen), en vervolgens raadde het ziekenhuis het aan toen we met hen een telefonische afspraak hadden. We raakten totaal in de war en hadden het idee te moeten kiezen tussen opnieuw een gang naar de intensive care (en dat daar dan geen plaats zou zijn) of meningokokken. Meningokokken is supereng, en we proberen het ziekenhuis te vertrouwen, vandaar dat de prikken er nu in zitten. En toen konden we niet meer terug en konden we alleen nog afwachten en hopen dat ze niet opnieuw een koortsstuip zou krijgen.

En een week later… had ze opnieuw een koortsstuip. We herkenden het dit keer juist supersnel. Ze viel/gleed om, N. pakte haar op, ik zag dat ze weer scheef keek, zei: ‘D.? D.? Ze heeft een stuip.’ en rende weg om 112 te bellen. ‘De neusspray!’ riep N., en ik ging de neusspray halen. Waarom is het altijd zo dat N. het kind heeft en dat ik 112 moet bellen? Toeval zeker. Ik liet me weer instrueren door de 112-medewerker, zette alvast uit mezelf de voordeur open, zorgde ervoor dat S. wist dat ze even buiten mocht spelen, zo geroutineerd gaat het al. N. gaf de neusspray en D. reageerde daar eigenlijk direct op, ze begon wat te jammeren en daarna oorverdovend te huilen, op exact dezelfde wijze als S. dat deed toen zij uit haar koortsstuip kwam. De ambulance was er harstikke snel weer, veel sneller dan ik had verwacht. De ambulancemedewerkers waren wederom aardig, lieten me de thermometer halen en de paracetamol en de id-kaart, dus ik draafde op en neer de trap op. Ze kwamen tot de conclusie dat ze niet mee hoefde naar het ziekenhuis, dat was fijn. En dat we er zo rustig uitzagen, vonden ze. Ik wist weer eens totaal niet hoe ik me voelde. Hoofdpijnerig. Ik vond het zo zielig dat D. zo overstuur was, en zielig voor S. dat ze dit nu weer moest meemaken. Maar ja, het is niet anders, en we hebben in elk geval snel en goed gehandeld. Hadden we toch de vaccinatie uit moeten stellen? Ik weet het niet. Ik hoop vooral dat het hierbij blijft.

S. 3 jaar en 4 maanden

      Geen reacties op S. 3 jaar en 4 maanden

Gisteren hebben N. en S. ‘straatbingo’ gedaan. Kaarten gemaakt met wat ze moesten zoeken, een vlinder, een scooter enzovoorts, en vervolgens op straat naar alles gezocht. Alleen de hoed had S. niet gevonden. Zo’n leuk idee, S. vond het echt heel leuk. Trots op N. dat ze in deze moeilijke tijden nog de creativiteit heeft om zoiets te bedenken.
S. en ik zijn gewoon naar de speeltuin geweest, dat kan natuurlijk ook. Ze haalde me over om van de glijbaan te gaan. Bij ‘onze speeltuin’ doe ik dat zo vaak, geen probleem, maar we waren nu bij een andere, met een hogere glijbaan. Ik dacht: nou vooruit dan, suisde toen kei hard naar beneden, en struikelde/viel een heel eind verder kei hard op m’n knie. Ik moest echt even zitten, wat diepe indruk op S. maakte. ‘Deze glijbaan is alleen voor kinderen’, moest ik concluderen. En daarna ging ik heel vaak kijken hoe hard S. wel niet van de glijbaan ging.

Een week later. Toch nog even getest of je ook heel langzaam van de glijbaan kan gaan. Dat kon!

We gingen met de auto rijden. Zodat de auto het blijft doen. En zodat D. kon slapen, want die slaapt tegenwoordig overdag niet meer in haar bed (voor zover ze dat al ooit gedaan heeft). S. mocht ook mee, die kan dan mooi rustig een cd’tje luisteren. Van de Efteling dit keer, omdat ze vlak daarvoor in de woonkamer de Efteling had nagebouwd (een mooi, maar ook wat verdrietig project in deze situatie). We reden over de snelweg langs het water, waar geen enkel bootje te zien was, en daarna waren we alweer vrij snel terug in de stad, en reed ik nog even een rondje langs huizen zodat S. kon kijken of er nog ergens beren te zien waren. We reden ook langs de crèche. ‘Lieve kindjes, wij missen jullie’ stond er in grote letters op het raam. Zo ontroerend. S. vond het ook heel indrukwekkend, dus we reden gewoon nog een extra rondje. De volgende dag was ze verdrietig, ze wilde weer met M. spelen op de crèche, en niet steeds binnen zitten. Het valt ook voor haar allemaal echt niet mee. Of juist voor haar, moet ik misschien zeggen. Nu ik enigszins een ritme heb gevonden met m’n werk en het schuldgevoel dat ik veel te weinig uren maak heb losgelaten, vind ik het namelijk stiekem ook ontzettend fijn om wat meer bij de kinderen te zijn…

D. 1 jaar en 1 maand

      Geen reacties op D. 1 jaar en 1 maand

We kijken de persconferentie. Er is een gebarentolk bij. D. wordt er helemaal opgewonden van, ze fladdert wild op N.’s schoot. Eindelijk iemand die op dezelfde wijze communiceert als zij!

Sinds de corona-crisis heeft D. niet meer in haar bed geslapen overdag, alleen steeds in de kinderwagen. God verhoedde dat het ooit nog een keer ’s middags regent…

D. blijkt tekenen het allerleukste te vinden wat er bestaat. Elke dag probeert ze zo veel mogelijk te wroeten in de lades met tekenspullen en alle potloden in het rond te gooien. Maar in tegenstelling tot S. wil ze ook echt met de potloden op een blaadje krassen. Voor haar verjaardag heeft ze potloden gehad waar je mee op het raam kunt tekenen, en dan schuifelt ze op haar knieën, met in beide handen een potlood, naar het raam om daar op te kleuren. Zo schattig. Iets minder schattig is dat ze vastbesloten is om te testen of ze onder het traphekje door kan. Het antwoord is ja, dus we moeten echt enorm goed opletten of ze ‘weer eng gaat doen’, zoals S. dat noemt. Ze gaat dan zitten en pakt de spijlen vast, doet haar benen onder het traphekje door, en leunt vervolgens naar achteren om er zo verder onderdoor te kunnen schuiven. Ook gooien met de cd’s, de kastjes overhoop halen en de tv uitzetten zijn favoriete activiteiten. En dan vragen mensen zich af waarom je niet thuis kunt werken en ondertussen op de kinderen kunt letten…

S. 3 jaar en 4 maanden

      Geen reacties op S. 3 jaar en 4 maanden

Het land is op slot. Het voelt zo onwerkelijk, wie had een paar weken geleden gedacht dat dit écht zou gebeuren? Natuurlijk is S. weer ontzettend aan het hoesten, dus die mag officieel niet eens naar buiten toe, terwijl het net heel erg lekker weer geworden is. Ze pakt het tot nu toe goed op, maar het is een vreemde situatie. Dat het verjaardagsfeestje van haar oma niet doorging, vond ze wel erg jammer. Facetimen is leuk, maar het haalt het toch niet bij elkaar echt zien. Momenteel ben ik de enige die niet verkouden is, dus de enige die boodschappen mag doen. Wat zijn N. en ik blij dat we een paar weken terug al groot hadden ingeslagen, voor het geval dat. Er staat een tas met extra brood, zakdoekjes en pasta op zolder, dus daar hoeven we in elk geval niet in paniek over te zijn. Voor N. is het heel zwaar, die is er natuurlijk helemaal niet aan gewend dat wij allemaal de hele tijd thuis zijn. En we zijn natuurlijk bang om corona te hebben of te krijgen, en vooral om het dan vervolgens door te geven aan mensen die er veel zieker van worden. Het is heel verdrietig dat ik nu niet naar mijn oma kan, die precies in deze tijd gevallen is en erg veel pijn heeft aan haar benen. S. en D. hebben samen wel een mooie tekening voor haar  gemaakt. En toen ik haar belde, wilde S. ‘Hallo’ zeggen en: ‘Ik vind het zielig voor je dat je nu zo loopt.’ Ze deed na hoe mijn moeder na had gedaan dat omi liep, heel langzaam en gebogen.

Ik kan me nog niet voorstellen hoe het gaat zijn als het langer duurt, we doen het maar dag voor dag. In elk geval vond S. het ontzettend leuk om thuis te peutergymmen. Matras naar beneden, tunnel onder de tafel, een parcourtje van de regenboog, N. had alles uitgezet. En we deden het openingsdansje en na afloop bellenblazen. Elke dag wil S. nu weten of het alweer zaterdag is.