D. 9 maanden

      Geen reacties op D. 9 maanden

D. kan dus nog steeds niet zitten. Ja, op haar knieën. En dan je optrekken aan de tafel. Aan de speelgoedbak. S.’s stoel. S.’s andere stoel. Enzovoorts. Soms laat ze zich ook een beetje zakken, en dan zit ze dus heel onergonomisch met haar voeten naast haar billen, zeg maar. Bij S. was ik er kritisch over, mensen die hun kinderen laten zitten terwijl ze dat eigenlijk nog niet kunnen, maar inmiddels weet ik beter. Want D. paste gewoon écht niet meer in haar newborn-seat, ik kreeg de riempjes gewoon niet meer vast. En voor het leren eten is rechtop zitten juist ook belangrijk. Dus hebben S. en ik nu toch maar de Tripptrapp omgebouwd. D. helemaal in verwarring, die probeerde in haar oude stoel te klimmen. Die had ik namelijk zolang even op de grond gezet. Het lukte haar uiteindelijk nog ook.

Dus nu zit D. gestut met een badhanddoek op het plankje van de Tripptrapp. Zo af en toe zakt ze wat scheef, maar het gaat gelukkig nog best aardig. Toch hopen we dat ze zo gauw mogelijk zelf leert zitten, dat zou een stuk handiger zijn.

S. 2 jaar, 11 maanden

      Geen reacties op S. 2 jaar, 11 maanden

‘Op de crèche was ook fruit dat ik niet kende’, zegt S..
‘O ja? Hoe zag het eruit? Welke kleur had het?’
‘Kolanje!’ zegt S.. Oranje spreekt ze al meer dan een jaar uit als ‘kolanje’, ik ben benieuwd wanneer het tot haar doordrinkt dat die ‘k’ daar niet hoort.
Ik vraag door. ‘Hoe groot is het? Zijn het partjes of besjes?’
S. denkt en denkt en zegt dan: ‘Kaki was het!’
Zo trots op haar, dat ze dat heeft onthouden. Kaki, daar waren wij echt nooit opgekomen…

S. had tijdens het avondeten haar beker water (weer eens) omgegooid en ik had het halfslachtig even snel met een doekje opgeveegd.
Even later: ‘Hey, het is hier nat!’
N.: ‘Ja, hoe komt dat denk je?’
S.: ‘Ik weet het niet.’
N.: ‘Denk eens na, wat was er gebeurd?’
S.: ‘Mama M. heeft mijn water niet goed opgeruimd!’

S.: ‘Wat zeggen jullie wat zeggen jullie wat zeggen jullie wat zeggen jullie!!!!!’
Wij: ‘We hebben het over je traktatie, als je gaat trakteren op de crèche. We dachten dat het leuk zou zijn om rozijntjes te trakteren.’
S.: ‘Nee, dat wil ik niet!’
Wij: ‘Oké… Soepstengels dan?’
Zij: ‘Nee! Chips en snoepjes!’
Uuuuh oké… We hebben maar even uitgelegd dat dat niet kan en mag.
Wij: ‘Wil je dan fruit trakteren? Mandarijntjes?’
Zij: ‘Nee! Bananen.’
Nu dus op zoek naar een traktatie die je van bananen kan maken.

Zo bizar dat ze nu bijna 3 is!

S. 2 jaar, 11 maanden

      Geen reacties op S. 2 jaar, 11 maanden

Op zondag nog even schoenen gekocht voor S. Altijd als je zo’n plan hebt, begint je kind ineens een eindeloze middagslaap. Uiteindelijk heb ik haar maar voorzichtig wakker gemaakt, maar zoiets kun je nooit voorzichtig genoeg doen, dus daarna moest ik haar eerst weer kalmeren, en net toen het erop leek dat we echt niet meer konden gaan, wilde ze toch wel gaan. Het was dus al kwart over vier toen we in de stad arriveerden, en de vrouw van de schoenenwinkel leek er niet echt zin meer in te hebben. Ze dacht niet echt mee over wat voor schoenen geschikt waren. Ik had gezegd dat ik liever geen veters wilde, want ze had eerst schoenen met veters en die zijn echt enorm lastig om aan te trekken, maar we waren al een tijd met de zoektocht bezig toen de vrouw van de schoenenwinkel opmerkte dat de meeste schoenen veters én een rits hebben en dat die wel gemakkelijk aan gaan. Ja, dan vind ik veters prima natuurlijk, ik ben niet anti-veters, ik ben anti heel lang een voet in een schoen wurmen terwijl je kind op je hoofd begint te trommelen. S. heeft de hele zomer lang sandalen gedragen, die kan ze zelf aan doen, dat is gewoon superrelaxed, dus het idee om nu weer met veters in de weer te moeten, sprak me niet zo aan. Maar een rits kon ze vast wel leren, dus kom maar door met die opties. Bovendien was inmiddels gebleken dat S.’ voeten twéé maten groter waren dan van de lente. Maat 27 heeft ze nu. Logisch dat die andere schoenen niet gemakkelijk aan gingen…

S. moest nog even overtuigd worden (‘Nee, die heeft veters!’) maar toen ging ze toch iets passen.
‘Ga eens staan!’ zei de vrouw tegen S.
S. ging staan. Een beetje.
‘Til je voet eens op!’ commandeerde de vrouw verder.
S. tilde totaal haar voet niet op, dus de vrouw herhaalde het nog maar eens.
Ik: ‘Dat is niet zo makkelijk om te doen hè, als je twee bent.’
Ik dacht, misschien denkt ze dat S. veel ouder is, door die grote voeten van d’r, en dan corrigeer ik dat beeld nu op subtiele wijze, maar helemaal goed kwam het niet meer. Nou ja, wél qua schoenen, hele mooie heeft ze nu.

De volgende dag liep ze er voor het eerst mee naar de crèche en riep ze heel de weg dat deze schoenen écht lekker zaten. N. voelde zich schuldig, maar ik was vooral blij dat het uiteindelijk gelukt was om die nieuwe schoenen te kopen, dat ze niet nog langer op de te kleine hoefde rond te lopen.

D. 8 maanden

      Geen reacties op D. 8 maanden

N. is aan het koken als ze een klap hoort. Als ze gaat kijken, huilt D. oorverdovend en zegt S. verschrikt: ‘Ik heb niets gedaan!’. Maar wat er nou precies gebeurd is, daar komt ze pas de volgende ochtend achter. Dan ziet ze hoe D. haar zinnen heeft gezet op de nieuwe Duplo van S., die op de speelgoedbak ligt, zodat D. er niet bij kan. Het zijn dieren, en sommige zijn nogal klein, dus niet zo geschikt voor baby’s. Maar ja, interessant vindt ze ze wel, dus trekt ze zich op aan de speelgoedbak. Die op wieltjes staat, en dus wegrolt. Waarna D. met een klap op de grond valt. Volgens N. zat ze echt op haar knieën, maar dat vind ik lastig te geloven.

D. heeft haar ledikant gekregen! De laatste nachten waren erg zwaar, ze werd om de 2 uur wakker. Ik had vaak ook het idee dat ze eigenlijk op haar buik wilde liggen, maar het rollen in zo’n co-sleeper gaat niet zo goed, daar is ‘ie te smal voor. Dus ook al was het donderdagavond en voelden we ons allebei niet zo lekker, we hebben toch de bedden verwisseld. Het ledikant stond nog op S.’s kamer, dus eerst heb ik de co-sleeper daar even heen getild. Vervolgens sleepten we het ledikant naar onze kamer. D. over de zeik (die had N. zo lang even in de co-sleeper gelegd), S. over de zeik. Die zat nog in de badkamer op het potje niet op te schieten. Maar goed, doorpakken nu, dus stoel aan de kant, ledikant in de hoek, dat paste precies zoals ik het me had voorgesteld. D. gehaald, samen met S. co-sleeper op z’n plek gezet. En toen moesten de stoelen nog op hun plek, maar dat was te veel voor S., die raakte totaal overstuur en in paniek over waar wij dan onze kleren neer konden leggen. Blijkbaar hadden we haar iets beter voor moeten bereiden op al deze veranderingen… Maar D. kreeg ondertussen borstvoeding en was alweer gekalmeerd, en ’s avonds viel ze even snel in slaap als normaal, en ’s nachts werd ze om 12 uur en 2 uur wakker, en daarna sliep ze tot half 8. Op haar buik, uiteraard. En vanochtend heeft ze zelfs ook al een dutje in haar ledikant gedaan! Ik ben heel blij en trots op haar.

S. 2 jaar, 10 maanden

      Geen reacties op S. 2 jaar, 10 maanden

Ik: ‘Uuh, wat betekent dat? Duurt dat nog heel lang?’
S.: ‘Ja, héél erg lang. Tot de handdoeken gaan praten.’
Ik: ‘Tot de handdoeken gaan praten?’
S.: ‘Ja! En de wc.’ Gierend van de lach ondertussen…
Ik: ‘Nou, ik ben heel benieuwd wat die gaan zeggen. Maar als je het niet erg vindt, ga ik dan toch nu alvast je haar wassen.’

S. heeft een nieuw spel. Het gaat zo. De een is S. en slaapt. De andere is de mama en maakt ontbijt: ‘Beetje havermout… Fruit erbij. Wat mango… Kwark! Beetje water erbij… Roeren!.’
Pauze.
‘Mama, het ontbijt staat klaar! Je moet naar de speelleergroep!’
En dan opnieuw. En opnieuw. En opnieuw.

Het spel heeft zich uitgebreid. Het was een zaterdag, N. was met D. naar baby sensory, de schoonmaakster was donderdag geweest en er waren verder weinig plannen, dus ik dacht: laat ik eens gewoon doen wat S. leuk vindt, in plaats van enkel op te noemen wat ik verder allemaal nog moet doen. Dus ik heb meegedaan. Met het slapen, ontbijten, tanden poetsen, haren kammen, plassen op het potje, naar de crèche lopen, naar de speelleergroep gaan, in de kring zitten, fruit eten, spelen, buiten spelen enzovoorts enzovoorts. Ze vond het helemaal het einde, alle poppen en knuffels deden ook mee en beeldden kinderen en juffen van de speelleergroep uit, en met de lunch mocht ze zelfs vruchtenhagel op haar boterham. Dat mag thuis namelijk niet, maar op de crèche wel, en ze was immers op de crèche?
Woedend was ze toen ik niet meer mee wilde doen, toen ik zei dat het ‘alsof-spel’ nu klaar was. Ik had al bijna spijt dat ik er überhaupt ooit mee had ingestemd…

S. 2 jaar, 10 maanden

      Geen reacties op S. 2 jaar, 10 maanden

S.: ‘Als ik mijn huisje heb, mogen jullie op bezoek komen.’
Ik: ‘O ja, als je later groot bent hè, dan komen we zeker langs!’
Zij: ‘Dan heb ik ook een tafel, en een boven, voor mijn bedje.’
Ik: ‘Ja, lijkt me echt heel leuk om bij jou op visite te komen, ik verheug me er al op.’
Zij, enigszins gealarmeerd: ‘Maar mama, ik ben nog niet groot!’

S.: ‘V. zei: Handje? En ik zei: Ja. En toen hielden we handen vast.’

Het lijkt erop dat S. langzaamaan wat interesse begint te krijgen in het opbouwen van vriendschappen. Ik denk dat de speelleergroep waar ze nu twee keer per week in de ochtenden heen gaat daar ook bij helpt.
Op de crèche was V.’s pleegmoeder weer druk in gesprek met de crècheleidster. Op een gegeven moment vroeg S. aan N. of dat de oma van V. was. Toen N. nee zei, vroeg ze: ‘Heeft V. ook twee mama’s?’
‘Ja’, zei de juf, die de vraag hoorde.
‘Néé!’, dacht N. Op de terugweg probeerde ze het N. maar zo goed en zo kwaad als ze kon uit te leggen dat dat V. een soort hulpmoeder heeft, dat ze niet in hetzelfde huis wonen. Ik vind het zo zielig voor S., heel even dacht ze iemand gevonden te hebben (V. nog wel!) die net als zij ook twee mama’s heeft, en dan bleek het toch weer niet zo te zijn. Maar zelf leek ze er niet erg mee te zitten.

D. 7 maanden

      Geen reacties op D. 7 maanden

We zijn voor het eerst met z’n vieren op vakantie geweest. Helaas werd D. al op de tweede dag ziek. Eerst weet ik het nog aan het zwembad, daar is het gewoon warm, vandaar dat ze zo gloeiend voelt, en aan de draagzak, ze zat gewoon dicht op me geplakt, vandaar dat ze soms wat gek ademt, maar eenmaal terug uit het zwembad bleef ze nogal gloeiend voelen, en toen gingen we koorts meten en had ze boven de 39 graden koorts. Arme D. Ze bleef veel huilen de rest van de vakantie, vooral ’s avonds. We kwamen er niet achter wat ze nu precies had, want ze had eigenlijk alleen koorts, maar dat was al vervelend genoeg. Eenmaal weer thuis herstelde ze gelukkig snel en werd ze weer wat vrolijker. Het lukte haar eindelijk ook weer om op de grond zelf te spelen.

En daar deed ze waar we vlak voor de vakantie ook al een glimp van opvingen: tijgeren! Ik geef toe, ik heb het wel wat gemanipuleerd, of nou ja, de juiste omstandigheden gecreëerd. Een toren van de bekertjes voor haar gebouwd dus, en die nét wat te ver weg zetten. Maar nu heeft ze het door hoor, ze strekt haar armen, wiebelt met haar kont en beweegt zich op haar knieën voort. Dat ze daar beter haar voeten voor kan gebruiken, heeft ze nog niet echt door, maar het geeft niet. Ze tijgert!

S. 2 jaar, 9 maanden

      Geen reacties op S. 2 jaar, 9 maanden

‘Vertel eens een verhaaltje?’
Ik vertel over hoe het is als je drie wordt. Taart, cadeautjes, slingers, en dat kindjes van drie geen speen meer hebben. Want S. heeft met het slapen nog een speen, en die gebruikt ze zeer hartstochtelijk. We zijn ons er terdege van bewust dat het niet goed is. We zijn ons er terdege van bewust dat het waarschijnlijk een afschuwelijke slaaprustrovende klus gaat worden om haar ervan af te helpen. Dus hebben we nu dit bedacht: kindjes van drie jaar hebben geen speen meer, weet S. inmiddels.
‘Weet je wat ik dan doe?’ zegt S.. ‘Dan pak ik het been van konijn en ga ik daar op bijten.’
‘O!’ zeg ik. ‘Dat is dan niet zo leuk voor konijn.’
‘Als ik geen speen meer heb.’
Ze heeft het al helemaal bedacht, ze is al helemaal voorbereid, zo blijkt.
‘Doe je dat nu ook al wel eens?’ vraag ik.
‘Jaha!’ zegt ze. Zo veel wat ik niet weet van mijn kind, nu al.

Ze had ook weer een bloedneus. Maar ze ging er heel volleerd mee om en bleef stil op mijn schoot zitten, met haar handen hield ze mee het washandje vast, helemaal niet zo in paniek als eerder vaak gebeurde. Ik was bang dat het ’s nachts opnieuw zou beginnen, had alvast een washandje voor haar klaargelegd, maar gelukkig bleek dat niet nodig te zijn.
S., de volgende ochtend: ‘Ik ga heel goed proberen om geen bloedneus te krijgen.’
Die arme schat, die denkt dat het iets is wat je zou kunnen regelen, net zoals bij zindelijkheid.

Zijn er ook nog leuke dingen in haar leven? Jawel! Want wij gingen naar de Efteling. Werd ze vorig jaar helemaal panisch in de Carrousel, dit jaar ging ze drie keer achter elkaar en begon ze te zingen van geluk. Hoor je ineens ‘De kop van de kat is jarig’ naast je… We hadden haar goed voorbereid, sowieso al omdat we eigenlijk maanden eerder tijdens een hittegolf zouden gaan, maar ook door filmpjes van ‘De poppetjes’ (Carnaval Festival) en ‘de elfjes’ (Droomvlucht) te kijken. ‘Ik vind het leuk dat ik ze nu in het echt zie!’ zei S. En zo was het. Ze mocht ook nog een knuffel uitzoeken. De knuffel heet Neuneu. Het was een fijne dag.

D. 6 maanden

      Geen reacties op D. 6 maanden

D. hoest. En hoest. En huilt heel zielig. Dit is de eerste keer dat ze echt ziek is, afgezien van wat onschuldig gesnotter een paar weken geleden. Ze valt lastig in slaap (oké, dat is niet vaak anders geweest) en wordt steeds weer hoestend wakker. N. slaapt voor het eerst in tijden weer met haar in haar armen, eigenlijk geen doen. Maar met z’n allen wakker blijven liggen is ook geen doen. En natuurlijk, die eerste uren van de nacht waarin ze wel sliep, werd S. juist weer wakker, wat tot gevolg heeft dat ik echt nauwelijks geslapen heb. Dat wordt een lange dag vandaag…

Tamelijk impulsief besluit ik om de kinderwagen om te bouwen. Dat voelt toch echt wel als een hele stap hoor. Zeker voor N. wel moeilijk. Maar ik snap het wel, die bak, dat is voor de kleine baby’s, en als we die nu niet meer nodig hebben, als we die nu nóóit meer nodig hebben, dan betekent dat dat de fase van de kleine baby’s gewoon definitief voorbij is. Toch een rare gedachte. De sluiting stond nog op z’n grootst van toen we S. er met winterjas en al in de winter in probeerde te proppen, er is nu een hittegolf, dus dat is nog even prutsen, maar uiteindelijk lukt het toch vrij snel allemaal. D. erin, zonnebrilletje op, iedereen z’n schoenen aan, wij kunnen op pad! Voor D. toch wel een stuk leuker als ze een beetje om zich heen kon kijken, we merkten wel dat ze daar behoefte aan had. We vragen ons alleen nu wel af waar D. voortaan ’s avonds (en overdag) moet slapen. Toch maar in d’r bedje. We hebben het nu een aantal keren gedaan, en dat gaat redelijk. Maar de nachtvoedingen zijn na het hoesten tot nu toe helaas gebleven, dat is jammer.

S. 2 jaar, 9 maanden

      1 reactie op S. 2 jaar, 9 maanden

N. heeft van de week al seksuele voorlichting moeten geven, want S. beweerde ineens dat ik haar papa was, dus dat moest even rechtgezet worden. Het verhaal over eitjes en zaadjes is dus gehouden, dat wij allebei alleen eitjes hebben en dat we voor zaadjes naar het ziekenhuis moesten (dat stuk hadden we al vaker verteld). Ben benieuwd wanneer we het verhaal opnieuw zullen moeten houden, maar ook vooral heel erg blij dat we haar al van begin af aan verteld hebben dat we het ziekenhuis nodig hadden, dat het haar geleidelijk aan duidelijk zal worden hoe het bij haar zit. Ze wordt zich er natuurlijk steeds bewuster van dat de meeste andere kinderen een papa hebben.

Met kinderen van 2 kun je toch al enorm wonderlijke gesprekken hebben:

S.: ‘Mag ik een ijsje?’
Wij: ‘Nee.’
S.: ‘Kakoe wil ook een ijsje maar dat mag niet van mij.’

S.: ‘Kakoe krijgt ook yoghurt. Hij wil Griekse yoghurt.’
Ik: ‘Is Kakoe een vriendje van jou?’
Zij: ‘Jaha!’
Ik: ‘En is Kakoe een jongen of een meisje?’
Zij: ‘Een jongen. Én een meisje!’
Ik: ‘Oké, dat kan. En hoe oud is Kakoe?’
Zij: ‘Drie jaar. En twee jaar.’
N: ‘Dat is wel heel bijzonder. En bij wie woont Kakoe in huis?’
Ook dat weet S.: Bij mama N. en mama Oka. En bij oma A. en opa Ak.
N.: ‘En heeft Kakoe ook een broertje of een zusje?’
Zij: ‘Ja, een broertje.’
N.: ‘En hoe heet dat broertje?’
S.: ‘Broertje! En ook een zusje. D. Oka.’
Daarna weet ze ook nog te vertellen dat die allemaal in één groot bed slapen. Oma A. en opa Ak niet, die slapen ergens anders en eten elke dag in een restaurant.
Mijn kind heeft eerder een fantasievriendje dan een echt vriendje. Heel handig, hij doet precies wat ze wil en heeft precies het leven dat zij wil…